BHV in de horeca: de risico's die een kantoor niet heeft
Een volle zaak op vrijdagavond: open vuur en hete olie in de keuken, honderd gasten die jouw pand niet kennen, en een deel daarvan heeft gedronken. Nergens staan brandhaard, publiek en paniek zo dicht op elkaar als in de horeca. BHV is er dus niet alleen verplicht, zoals overal, het is er ook echt anders dan in een kantoor.
Ik train al 14 jaar BHV'ers, ook in keukens, cafés en hotels. Hieronder wat de horeca anders maakt, hoeveel BHV'ers je nodig hebt in jouw zaak, en de twee noodsituaties die je team blind moet beheersen: de vetbrand en de verslikking.
Waarom BHV in de horeca anders is
In een kantoor ontruim je collega's die het pand kennen en weten wie de BHV'er is. In de horeca ontruim je gasten die geen idee hebben waar de nooduitgang zit, die net een fles wijn gedeeld hebben, en die jou vooral kennen als degene die de borrelplank bracht. Bij een calamiteit ben jij opeens degene die de leiding neemt over mensen die niet weten dat jij die rol hebt.
Dat vraagt om meer dan een certificaat: duidelijk optreden, hard genoeg praten, en een ontruimingsoefening die ook een keer tijdens (gesimuleerde) drukte is gedaan, niet alleen op een stille dinsdagochtend.
Hoeveel BHV'ers heb je nodig in de horeca?
Er staat geen aantal in de wet. "1 BHV'er per 50 medewerkers" hoor je overal, maar dat is een fabel: je RI&E bepaalt wat passend is, en in de horeca weegt daarin één ding extra zwaar: je gasten tellen mee. Een café met vier man personeel en tachtig bezoekers heeft een heel ander risico dan een kantoor met tachtig medewerkers.
Waar je in de horeca rekening mee houdt:
- Diensten, niet koppen. Niet "we hebben twee BHV'ers" maar "is er élke dienst een BHV'er aanwezig?" Ook op zondagavond, ook in de vakantieweken.
- Keuken én zaal. Bij drukte wil je iemand in de keuken (vetbrand, snijwonden) en iemand in de bediening (verslikking, onwel wordende gasten).
- Piekmomenten. Een evenement of volle zaterdag betekent meer mensen in je pand en dus meer hulpverleningscapaciteit.
Praktisch advies voor een kleine zaak: leid 2 à 3 mensen op. Eén BHV'er op papier is nul BHV'ers zodra diegene ziek, vrij of op vakantie is.
De keuken: vetbranden zijn de hoofdvijand
De gevaarlijkste seconden in de horeca spelen zich af boven de friteuse. Bij een vetbrand is er één doodzonde en die zit er bij iedereen van huis uit in: water erop gooien. Water in brandend vet verdampt explosief en verandert een pannetje vlam in een steekvlam tot aan het plafond.
Wat wél, in deze volgorde:
- Gaskraan dicht (of apparaat uit)
- Zuurstof afsluiten: deksel op de pan of branddeken eroverheen
- Klasse F-blusser voor grotere vetbranden, speciaal hiervoor gemaakt
- Nooit de pan verplaatsen, hoe logisch "even naar buiten brengen" ook voelt
Zorg daarnaast dat de basis op orde is: vetfilters van de afzuiging schoon (een vervette afzuigkap is een schoorsteenbrand in wording), blussers jaarlijks gekeurd, branddeken binnen handbereik en een complete BHV-koffer met brandwondengel in of naast de keuken. Brandwonden koel je minimaal 10 minuten met lauw stromend water.
De zaal: verslikking, alcohol en allergieën
Het EHBO-werk in de horeca draait om je gasten, en drie situaties komen het vaakst voor:
Verslikking. Waar gegeten wordt, verslikt iemand zich, dus de Heimlichgreep moet elke horeca-BHV'er blind kunnen. In mijn trainingen instrueer ik hem altijd zo: goed hard stoten, doe maar alsof je hem niet mag. Mensen stoten standaard te zacht, en te zacht helpt niet. Vijf klappen tussen de schouderbladen, vijf buikstoten, afwisselen tot het eruit is. Raakt iemand buiten bewustzijn: reanimatie starten en 112.
Alcohol. Een gast die zijn roes uitslaapt is horeca; een gast die niet meer aanspreekbaar is, blauwe lippen heeft of onregelmatig ademt is een noodgeval. Dat onderscheid moet je team kunnen maken, net als de-escaleren bij agressie zonder zelf in gevaar te komen.
Allergische reacties. Benauwdheid, zwelling of uitslag na het eten kan anafylaxie zijn: direct 112, en weet hoe een EpiPen werkt als de gast er een bij zich heeft.
Voor hartstilstanden geldt: een AED is niet verplicht, maar bij veel bezoekers of een ouder publiek zou ik er niet over twijfelen. De ambulance is er gemiddeld pas na 8 tot 10 minuten; jouw team is er nu.
Hotels: je gasten slapen
Hotels zijn de zwaarste categorie: 's nachts liggen je gasten te slapen, verspreid over verdiepingen, en een deel spreekt geen Nederlands. Dat betekent kamers systematisch controleren bij een ontruiming, een nachtdienst die óók BHV-gedekt is, en instructies die met pictogrammen en in het Engels werken. Wij trainen om die reden ook in het Engels: een BHV'er die de instructie half begrijpt, is er in de praktijk geen.
Zo regel je het praktisch
- Leg de afspraken vast in een BHV-plan: wie belt 112, wie pakt de blusser, wie telt op de verzamelplaats.
- Nieuw personeel: dag één. Het verloop in de horeca is hoog; nooduitgangen, blusmiddelen en de verzamelplaats horen bij het inwerken, niet bij "komt nog wel".
- Oefen minimaal jaarlijks, en doe één oefening op een moment dat er echt wat drukte gesimuleerd wordt.
- Herhaal jaarlijks. Juist de handelingen (Heimlich, blussen) zakken weg; de herhaling kost een dagdeel per jaar.
Training in je eigen keuken
Een BHV cursus voor de horeca geef je niet met stockfoto's van een kantoorpand. Bij ons komt de trainer naar jouw zaak: oefenen met jullie eigen apparatuur, een ontruiming door jullie eigen pand, scenario's die bij jouw kaart en jouw publiek passen. De BHV Basiscursus kost €160 per persoon, de herhaling €110 (excl. btw, inclusief e-learning vooraf en certificaat), vanaf 4 deelnemers. Bereken in één minuut wat het voor jouw team kost, dan plannen we de training op een moment dat de zaak het toelaat.
Geschreven door
Kim Hertogh
Kim Hertogh is oprichter en hoofdtrainer van LevelUp BHV. Met meer dan 14 jaar ervaring in bedrijfshulpverlening heeft ze ruim 16.000 medewerkers opgeleid. Kim staat bekend om haar praktijkgerichte en persoonlijke aanpak, waarbij theorie en praktijk continu worden afgewisseld. Haar missie: teams het vertrouwen geven om in noodsituaties precies te weten wat ze moeten doen.
Veelgestelde vragen
Ja. De Arbowet verplicht elke werkgever met personeel om bedrijfshulpverlening te organiseren, dus ook elk restaurant, café en hotel. Tijdens openingstijden moet er altijd iemand aanwezig zijn die kan optreden; hoeveel BHV'ers dat vraagt, volgt uit je RI&E.
Er staat geen aantal in de wet; je RI&E bepaalt wat passend is, en in de horeca tellen je gasten daarin mee. Praktisch: leid ook in een kleine zaak 2 à 3 mensen op, zodat er bij ziekte, vakantie en wisselende diensten altijd een BHV'er in huis is.
Nooit water gebruiken: dat geeft een steekvlam. Sluit de zuurstof af met een deksel of branddeken, zet de gaskraan dicht en gebruik een klasse F-blusser. Verplaats een brandende pan nooit.
Nee, een AED is niet wettelijk verplicht. Wel sterk aan te raden bij veel bezoekers, een ouder publiek of overnachtende gasten: bij een hartstilstand telt elke minuut en de ambulance is er gemiddeld pas na 8 tot 10 minuten.
Nee, niet iedereen hoeft BHV'er te zijn. Wel moet elke medewerker vanaf dag één weten waar de nooduitgangen, blusmiddelen en de verzamelplaats zijn en wie de BHV'ers zijn. Juist in de horeca, met veel wisselend personeel, hoort dat bij het inwerken.